Archive for Filosofie?

Gezond leven

En dan is het eindelijk weer weekeinde. Na dagen hard ploeteren mogen we uitslapen, op deze zaterdagochtend. Eigenlijk een gewoon weekeinde, net als zoveel andere, wanneer we ontwaken op onze, verplicht met brandvertragende chemicaliën geïmpregneerde matras. Hierdoor hebben we de kans gekregen om in een verder rustige nacht kleine hoeveelheden formaldehydegas en kankerverwekkende broomverbindingen in te ademen.

Opgewekt sjokken we op onze blote voeten over de met styreen en vergelijkbaar giftige chemische stoffen behandelde vloerbedekking achter elkaar aan naar de badkamer. Want hygiëne en frisheid boven alles!

Daar pimpen we onze adem met het mondwater waaraan naast de vier actieve componenten ook nog iets meer dan een half dozijn smaak- en kleurstoffen zijn toegevoegd, en terwijl het brouwsel – dat de weekmakers in de fles al enige tijd heeft staan uitlogen – in onze mond rondspoelt lezen we uit verveelde gewoonte voor de zoveelste keer de tekst op het etiket (zonder de betekenis echt goed door te laten dringen).
Na het tandenpoetsen en verplicht gespetter met wat water ook nog even de oksels een fris geurtje geven. Liefdevol brengen we deodorant aan in de juiste holten, zodat deze weer gevuld zijn met de stoffen aluminium, parabenen, propyleenglycol en een onbekend mengsel, genoemd ‘parfum’. Uiteraard gevolgd door het overvloedig insmeren van bodylotion, zodat de huidporiën nog verder kunnen verwijden en de andere verzorgende chemicaliën wat dieper in de huid kunnen doordringen.
Aaah, de frisse geur van scheikunde in de ochtend.
Omdat het weekeinde is, doen we rustig aan. Hup, in de chemisch gereinigde, met synthetische vezels versterkte en door het dichloorbenzeen van de motteballen beschermde, kleding. Wat zoals altijd gepaard gaat met een wolkje trichloorethyleen en n-hexaan, van welke stoffen ons bekend is dat ze op den duur hartafwijkingen, zenuwinzinkingen en geheugenverlies veroorzaken (te vergelijken met een column als dit, zou je haast denken).
Samen met de uitwaseming van de lak van de meubelen, de muurverf, de tapijtreiniger en de vlamvertragers in de vloerbedekking hangt er in onze slaapkamer, net als in de rest van het huis, vanwege de voortreffelijke isolatie, permanent een gasmengsel van lichaamsvreemde stoffen. De invloed van deze losse componenten op de lichamelijke en geestelijke gesteldheid zijn door de wetenschap al wel onderzocht (hoofdpijn, stemmingswisselingen en concentratieproblemen. Kortom, we zijn weer bij mijn columns), maar het versterkende effect van de optelsom (de toxische synergie) nog in het geheel niet.
Op naar de keuken!
Omgeven door de chloordampen van de vaatwasser en de met waarschuwingsstickers volgeplakte flessen en spuitbussen met schoonmaakmiddelen en insecticiden in het aanrechtkastje beginnen we goedgehumeurd aan een gezond viergranenontbijt. Het is zo gezond mogelijk gemaakt door een flink aantal synthetische additieven, waaronder de zoetstof aspertaam, die is aangemerkt als de veroorzaker van verschillende allergieën en andere ernstige ziekten waaronder kanker.
De vleeswaren voor het boterhambeleg bevatten naast de broodnodige conserveringsmiddelen ook groeihormonen en antibiotica die zijn toegediend toen het dier nog leefde en zullen, net als het plastic van het verpakkingsmateriaal, het blaadje sla en het plakje tomaat met de restanten van een zestal pesticiden, die ochtend nog hun bijdrage leveren aan de honderden synthetische stoffen die we al hebben geconsumeerd voordat de dag goed en wel is begonnen. Dan te bedenken dat de uitlaatgassen en fijnstof van het verkeer nog buiten liggen te wachten.
Die avond dan besluiten we een fijn diner samen te stellen. Hopsa! Op naar de supermarkt om de benodigde inkopen te kunnen doen.
Terwijl we naarstig op ons boodschappenlijstje kijken zien we net dat ene velletje A4 over het hoofd dat op ooghoogte bij de ingang hing. Met daarop de tekst: “WAARSCHUWING: de producten die in dit gebouw worden verkocht of gebruikt kunnen chemische stoffen bevatten waarvan bij de Staat bekend is dat ze kanker, geboorteafwijkingen of andere schade in verband met de voortplanting kunnen veroorzaken’. Eigenlijk valt dit niemand op en het valt ook niemand op dat dit bijna dezelfde tekst is als op de etiketten van de producten uit de badkamer.
Ach wat zeuren we toch? Het werd in ieder geval een gezellig en smakelijk etentje waarbij heerlijkheden werden gereserveerd als kalkoen, kip, kaas, melk, boter en roomijs. Gelukkig is door een recent onderzoek bewezen dat deze zaken allemaal verontreinigd zijn door PBDE (een afkorting voor polygebromeerde difenylether) dat (hee, daar is het weer!) als vlamvertragend middel wordt gebruikt in tapijten, meubilair en electronica. Dit goedje is kankerverwekkend, brengt schade toe aan de voortplantingsorganen en het zenuw- en hormoonstelsel. Bovendien hoopt het zich, als niet-afbreekbare stof, op in het vetweefsel van dieren.
Tenslotte, de in een teflon pan knapperig gebakken aardappelen en de met ijswater frisgewassen spinazie bevatten evengoed nog vele pesticiden en de romige slasaus zat vol met conserveringsmiddelen en kunstmatige kleur- en smaakstoffen, en met het rundvlees werd tegelijkertijd een keur van groeihormonen, antibiotica, tranquilizers, insecticiden en onkruidverdelgers opgediend.

Kortom, het was een geslaagde dag. En we gaan tevreden slapen met de zekerheid: ‘morgen weer zo’n dag!’.

 

(met dank aan Andre Klukhuhn).

De damestasLadies’ bag

Als we het hebben over kunst, dan willen we altijd op een bepaalde manier geraakt worden. We willen de werkelijkheid, die saaie realiteit een nieuwe wending zien krijgen. We gaan nadenken hoe dingen nu in elkaar zitten. Een nieuw blikveld als het ware.
En kan dat met zoiets praktisch al, in dit specifieke geval, met damestassen?
Ik zeg volmondig: ja. Want zoals ik dadelijk duidelijk maak, staat de damestas aan de basis van onze beschaving. Sterker zelfs, het is de reden voor ons bestaan!
Er zijn drie belangrijke eigenschappen als we het hebben over damestassen: vorm, functie en persoonlijkheid.
Een damestas heeft een bepaalde vorm, die los kan staan van zijn functie. Het oogt dus soms mooi, maar praktisch is het totaal niet.
De oorspronkelijke functie van een damestas is het opbergen en mee kunnen dragen van objecten. Hier kom ik zo nog op terug.
En de persoonlijkheid. Past een tas wel bij een bepaalde persoon? Is er een match met een persoonlijkheid van de drager en de tas. Zoals er op elk potje wel een deksel past zo is er voor ieder mens wel een tas. Onthoud dit goed, dit allesoverkoepelende aspect van de tas is uiterst belangrijk.
Om terug te komen op de functie: het kunnen opbergen van objecten. We weten allemaal dat de opbergruimte van een damestas vele malen groter is dan de buitenkant doet vermoeden. Wat daar allemaal niet in kan verdwijnen en soms ook weer opgediept kan worden. De sleutelwoorden zijn hier wellicht de Douwe Dabbert knapzak.
Er is gewoonweg niets wat niet in een damestas opgeborgen kan worden. Van mascara tot brillenkokers en encyclopedieën tot echtgenotes aan toe.
En nu komen we bij de kern en de conclusie van dit praatje over damestassen. Als we zien dat er voor iedereen wel een tas is, en dat deze tassen echt alles in zich kunnen herbergen, is er slechts een onontkoombare conclusie mogelijk: het hele universum, met alles erop en eraan, is in werkelijkheid een damestas!
En dan heb ik het nog niet eens over de vraag: en wie draagt die handtas dan wel?

Liefde en lust in ons leven

Waar hebben we het eigenlijk over als we het over lust en liefde ons leven willen hebben? Waar gaat het over? Men kan een beschrijving proberen te geven. En dan zeggen dat men opgegroeid is in een liefdevolle omgeving. Opgroeien in een lustvolle omgeving echter, is dan weer stukken moeilijker. Ja, je kunt dan denken aan iemand die is opgegroeid in een bordeel. Of van jongs af aan betrokken is geweest bij de rooms-katholieke kerk.
Als je dan verder denkt, dan kun je zeggen dat iemand liefde voor God kent. Maar lust voor God? Die is moeilijk te plaatsen. Je hebt dan weer wel lust naar geld en macht. Dat dan weer wel.
En staan lust en liefde dan zover uit elkaar, of hebben we het over hetzelfde, maar dan in een andere vorm?
Er is in ieder geval altijd sprake van minimaal twee partijen: iemand waarvoor de liefde of de lust is bedoeld, en iemand van waaruit de liefde of de lust ontspringt. En dan wordt er meteen iets raars duidelijk. Vaak moet juist het object van de lust (zeg maar: het slachtoffer) zich aanpassen, in plaats van andersom. Een voorbeeld kan dit duidelijk maken: in moslimlanden moeten veel vrouwen gesluierd rondlopen omdat anders de mannen (daar waar de lust ontspringt) zich niet in kunnen houden. Wiens probleem is het dan eigenlijk?
Maar hetzelfde geldt voor ons zogenaamd verlichte Westen. Hier is ongeveer wel geaccepteerd dat de vrouw aan de pil gaat om allerlei ongewenste bijverschijnsel van het fenomeen lust te voorkomen. Maar het is toch veel makkelijker om dat bij de man weg te leggen? Het is toch veel verstandiger om te zorgen dat je met een ongeladen pistool schiet, dan dat je gaat lopen vuren op een kogelvrij vest?
Waar het op neer komt is dat het erg moeilijk praten is over zaken als liefde en lust. Want die zijn niet hetzelfde als zwaartekracht, of lichtsnelheid of allerlei andere dingen die we kunnen meten. Want hoe meet je verliefdheid? Is dat het aantal vlinders in je buik? En lust dan? Praten we dan over de hoeveel milliliters geproduceerd lichaamsvocht?
Welnu, voor dergelijke zaken hebben ze een naam. En dit zou geen blog over taal zijn, als ik jullie daar niet mee kunnen vervelen. Want ik strooi met woorden dat het een lieve lust is.
We noemen zulke zaken: qualia. Dat zijn waarnemingen die alleen maar in de geest plaatsvinden. Die kunnen we wel beschrijven, maar die kan een ander nooit ervaren.
Als ik naar een rode aardbei kijk, dan kan ik nooit er zeker van zijn of het rood dat ik zie, ook het rood bij jou is. Misschien zie jij wel groen, maar je hebt geleerd dat het rood heet.
Als je dit weer toepast op de begrippen lust en liefde dan zul je begrijpen dat dit volstrekt subjectieve ervaringen zijn. We geven de dingetjes een naam en gaan ervan uit dat het door iedereen gedeeld en dus ook begrepen wordt. Maar de liefde van de een kan de lust van een ander zijn. Maar liefde en lust bestaat niet in de externe wereld. Het bestaat alleen in ons.
Waar maken we ons dan druk om? Eigenlijk gaat het hele verhaal over het verschil tussen kennis die je krijgt door iets te beschrijven of kennis die je krijgt door directe ervaring.
Graag wil ik afsluiten door een paar zaken te noemen die ik wel kan beschrijven, maar nooit zelf heb mogen ervaren dat het ook bestaat:
Eerlijke bankdirecteuren, een koningshuis dat belasting betaalt, politici die weten wat onder de bevolking leeft, ambtenaren met visie, een hogesnelheidstrein tussen Parijs en Amsterdam, een ontslagen ziekenhuispatient zonder hoge rekening, een winkelcentrum zonder Blokker, Hema, Free Record Shop en H&M eenheidsworst,een stress-vrije docent, hondenpoep vrije stoepen, films op tv die niet worden onderbroken door reclame, een tevreden klant van KPN.
Ik denk dat het beeld wel helder is in uw hoofd…

De letterlijke waarheidThe literal truth

Soms is het moeilijk om er precies achter te komen wat een woord letterlijk betekent. Is er wel een letterlijke betekenis die maar op een manier uit te leggen is?
En hoe leg je dan het woord letterlijk, letterlijk uit? Misschien door juist het tegenovergestelde te nemen. Als je weet wat je niet weet, weet je het misschien. Het tegenovergestelde van letterlijk is figuurlijk. Maar wat is figuurlijk dan? Ja, niet letterlijk, maar dan zijn we weer terug bij af.
En als we de klemtoon anders leggen? Dan krijg je letter-lijk en figuur-lijk. Nou, een figuur lijk kan ik me nog wel voorstellen. Dat is een karakter of personage in een boek of in een film. En die figureert daar als lijk. We kunnen dan wel beweren dat we een heel eind zijn geëvolueerd, met onze westerse beschaving, maar tegen de tijd dat iemand hier 18 is geworden heeft hij of zij al meer dan 10.000 moorden op tv gezien. En wij maar lachen om die Romeinen met hun Collosseum!
Want afgezien van de riolering, geneeskunde, onderwijs, wijn, de openbare orde, irrigatie, wegen, het drinkwatersysteem en de volksgezondheid, wat hebben de Romeinen ooit voor ons gedaan?
Maar wat is dan een letter lijk? Nou, rond de feestdagen kan ik me daar wel iets bij voorstellen: het opengebroken kartonnen doosje en de kruimels chocolade getuigen van het misdrijf. Dan hoef je geen heel CSI-team erop af te sturen. Kijk wiens voornaam met dezelfde letter begint als het opgepeuzelde lijk en je hebt je dader gevonden.
Ging alles maar zo makkelijk.
We komen toch terug bij het gegeven dat er niet een ondubbelzinnige, objectieve maatstaf is om iets letterlijk mee aan te wijzen. Neen, er bestaat gewoon geen waarheid. Althans, zo lijkt het. Het kan wel, maar het is moeilijk.
Ik stel hierbij voor dat we de waarheid in drie verschillende vormen opsplitsen. Er is een privé waarheid, een lokale waarheid en de Absolute Waarheid.
De privé waarheid is iets waarin alleen jij gelooft. Je mag wel denken dat je Elvis Presley bent, of de knapste persoon in het land, maar niemand anders gelooft dit (althans, niet zonder dat je ze flink daarvoor betaalt).
De lokale waarheid is een waarheid die gedeeld wordt door een groep mensen. Zij zijn overtuigt en hebben een mening en zij verkondigen die als waarheid. Voorbeelden zijn politieke partijen (want er is niks meer waar of je nu liberaal of socialist bent), mensen die vinden dat Jezus Christus de Messias is (er zijn hele volksstammen die dat niet vinden), of dat de beste dichters uit Roosendaal komen.
En dan hebben we natuurlijk de Absolute Waarheid. Daar kun je van vinden wat je wilt, maar dit is een waarheid die altijd geldt. Dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is dat we de Absolute Waarheid niet kunnen bewijzen. Alles waar je een cirkel omheen kunt trekken kan zichzelf niet verklaren zonder te verwijzen naar iets buiten de cirkel. Je moet dus iets aannemen, maar je kan het nooit bewijzen.
Dus de Absolute Waarheid is er wel maar we kunnen er nooit zeker van zijn dat hem zien. Eigenlijk net als met een zwart gat in het heelal. Die kun je ook niet zien (want er is daar geen licht) maar je kunt die alleen maar zien omdat de ruimte eromheen zichtbaar is.
Dus zou je de Absolute Waarheid kunnen zien door alle onwaarheden die eromheen zweven? Maar wat is een onwaarheid? Die is voor iemand anders een waarheid. Het domein van de Absolute Waarheid is oneindig. Dus zullen er ook altijd onbeantwoorde vragen blijven bestaan. En onzekerheid.
Verwarrend nietwaar? Maar bedenk even voor het gemak, dat deze column misschien niet al te letterlijk genomen moet worden.

LICHT

Met een onderwerp als licht leek het mij leuk iedereen te overladen met wetenschappelijke feitjes en weetjes en ons licht te laten schijnen over de natuurkundige achtergronden van licht.
Maar, ik bedacht me dat dit misschien niet zo’n goed idee was, want de lezers van mijn blog zijn niet zo snugger en dat gaan jullie natuurlijk nooit begrijpen. Misschien moet ik dat laatste maar niet hardop zeggen want ik weet hoe lichtgeraakt ze hier kunnen zijn.
Daarom beperk ik me tot het hoogstnoodzakelijke:
als je op klaarlichte dag rondkijkt, dan besef je het misschien niet, maar er komt me toch een bak licht naar beneden. En licht heeft ook gewicht. Tenminste als je licht ziet als deeltjes en niet als golven. Zo’n deeltje, een foton, weegt bijna niks. Ze hebben, per stuk, ongeveer (en nu rond ik een en ander af) een massa van 4.4 x 10-36 kg. Dus je kunt zeggen dat die fotonen echte lichtgewichten zijn!
Het ergste is dat er oplichters zijn, die hier meteen misbruik van maken. Omdat al dat gewicht op ons neder daalt, gelijk manna uit de hemel, betekent dit dat we elke dag een beetje zwaarder worden. Nou, dat kan natuurlijk niet. Dus heeft de overheid zoiets verzonnen als de belastingen. Die maken ons namelijk meteen een stuk lichter. In allerlei opzichten. En dat ze dat niet al te licht opvatten is duidelijk, want die belastingen worden elk jaar meer. En dan druk ik me nog lichtelijk uit. Terwijl het gewicht van al dat licht niet toeneemt. Het blijkt maar weer dat het licht dansen is op andermans vloer,
Als de overheid dit kan, dachten anderen, dan moeten wij dat ook kunnen. En bij de fabrikanten van levensmiddelen ging ineens een licht op. Ik vind toch dat ik dit even voor het voetlicht moet gooien want wij hebben er allen last van.
Wat wij vaak niet weten is dat we in de supermarkt gewoon in het ootje worden genomen. Misschien zijn we naïef, verkeerd opgevoed of gewoon lichtgelovig. Of men weet in supermarkten precies hoe wij in elkaar steken en hoe lichtzinnig wij denken over bepaalde zaken. Waar gaat dit dan in hemelsnaam over, vragen jullie je af?
Welnu, volgens goed ingelichte bronnen worden de prijzen in supermarkten verhoogd zonder dat wij het zien. Zonder dat wij het zien? Kom nou toch, dat kan toch niet?
Jawel, dit kan wel. Pak maar eens een pakje boter. Deze kost (als voorbeeld) 1 euro 50. Maar koop over een jaartje nog maar eens zo’n pakje boter. Vermoedelijk nog steeds 1 euro 50. Maar hoe zit het met de verpakking? Kan het misschien zijn dat het deksel iets holler is geworden, of staat de bodem iets boller? Dat scheelt toch snel een paar gram per pakje boter die jij minder krijgt, maar wel voor betaalt! Of neem een pak cornflakes. De hoogte blijft hetzelfde, maar de dikte blijft maar afnemen. En jij maar betalen voor minder inhoud. Want jij ziet alleen maar de hoogte en de breedte van de doos. Tegen de tijd dat je die vast hebt gepakt is je beslissing al genomen. Of toiletpapier waar de rollen een halve centimeter kleiner worden, of snoeprepen die een ander vorm krijgen maar wel 10% minder aan volume hebben.
Natuurlijk kan dit niet oneindig door gaan. Cornflakes dozen zouden dan de dikte van een creditcard krijgen en een rol toiletpapier bevat nog maar een velletje.
Voor die tijd zal de fabrikant een lichte wijziging maken in zijn verpakking. Een nieuw, economy-sized verpakking. In prijs, grootte en ontwerp helemaal niet meer te vergelijken met het oude product. Dus wij als consument kunnen ook niks meer vergelijken en voelen ons, terecht, licht in het hoofd worden. We weten nu niet of het een goede of een te hoge prijs is voor het product. Ach wat, we halen onze schouders op en gooien het in ons boodschappenkarretje en zo kan de cyclus weer vrolijk van voor af aan beginnen.
Hebben we wat aan deze kennis? Niet echt. Maar ik wilde deze keer mijn licht niet onder de korenmaat zetten.