HERINNERING AAN WAT NOG MOET KOMEN

Toen ik in slaap viel op de tegels
in deze stad, probeer ik jou voor te stellen
jouw handen tegen de mijne,
de kleur dansend in je ogen,
de stenen muren, de hemel van deze stad
Het gewicht van de maan drukt op ons.

Ik probeer terug te gaan naar dat moment,
maar ik kan eigenlijk alleen herinneren
hoe de wereld ooit was.

Ik wou dat ik als mijn zoon kon spreken,
waarbij alles praatbaar is
En de wereld in mijn handjes past
verleden en herinneringen nog nieuw
Dit leven is geen boek
anders had ik je allang dichtgeslagen
En onder mijn jas verstopt