Het platteland onder woorden

Als men iets zinnigs wil zeggen over het platteland, dan komt men vaak met clichés op de proppen. Daar kan ik niet de boer mee op, vandaar dat ik hard aan het werk ben gegaan om nu eens het platteland in al zijn subtiele verschijningsvormen gestalte te kunnen geven.

Als je kijkt naar het tegenovergestelde van het platteland, dan kom je uit in de grote stad. Maar klopt dit ook? Als je het woord ‘platteland’ letterlijk leest en daar het tegenovergestelde van neemt dan kom je uit op ‘hoogwater’. En hoogwater heb je niet alleen bij een dijkdoorbraak wanneer feitelijk het platteland helemaal volstroomt, maar hoogwater heb je ook bij kleding. Dus als je broek net iets te kort is, of te hoog opgetrokken. En de kleding die men op het platteland vaak draagt is een overall. Wat raar is, want het woord ‘overall’ doet vermoeden dat je het overal zou zien, maar in de grote stad zie je ze zelden. Bij een dijkdoorbraak wemelt het echter weer wel van de overalls.

Het woord overall komt uit het Engels en betekent dat het over alles heen gedragen kan worden.

De kleur van een overall is zonder uitzondering -als ze nog redelijk nieuw zijn- blauw.

Op het platteland kun je die beroemde blauwe luchten nog zien omdat daar geen gebouwen je zicht blokkeren. Op het platteland hebben ze ook gezondere lucht. Althans, dat zeggen mensen uit de grote stad die een dagje uit zijn. Wij vinden dat die lucht gewoon naar poep ruikt, maar wie zijn wij?

Vroeger had ik een oom die de hele dag alleen maar over mest kon praten. Mest, mest, mest, grote hopen stomende mest. En dat lijkt erg, maar je moest eens weten hoeveel moeite het heeft gekost om hem het woord mest te laten gebruiken.

Een lucht die je zelden ruikt op het platteland is die van gebakken peren. Als je echt met de gebakken peren zit, dan zit je in grote moeilijkheden. Mensen van het platteland zitten nooit in grote moeilijkheden, getuige het feit dat er geen gevangenissen zijn op het platteland. Gevangenissen vind je alleen in grote steden. Daarmee zou je dus kunnen stellen dat er alleen maar criminelen in de grote stad wonen. Maar is dat ook zo? De meest logische verklaring voor het feit dat er geen gevangenissen op het platteland te vinden zijn, ligt in het gegeven dat de gevangenen dan niet gelucht kunnen worden. Ze zouden dan de hele tijd in de mestlucht rondlopen. En dat is ongezond voor ze, vandaar dat gekozen wordt voor de fijnstof die te vinden is in de grote stad. Dat schijnt stukken beter te zijn.

Bovendien zou bij een dijkdoorbraak (die overal kunnen optreden) die gevangenissen meteen volstromen. En we zitten al met een cellentekort! Dus nog een reden om daar niet aan te beginnen. Om al die gevangenissen dan weer leeg te krijgen, gaat behoorlijk veel werk inzitten.

Maar werken kunnen ze wel op het platteland. Ze doen niets anders, het is hun lust en hun leven.

Er worden weinig boeken gelezen op het platteland. Daar is geen tijd voor. Lezen doe je maar in de vakantie. Als er al iets gelezen wordt, dan zijn dat boeken met alleen maar werkwoorden. Want er moet gewerkt worden, dag en nacht.

Het blijft een nobel beroep, dat boer zijn. Een ander beroep dat erg veel met het platteland te maken heeft, is dat van tandarts. Daar gaan boeren vaak lachend naar toe. En dat is op zich bijzonder, want boeren lachen zeer weinig. Deze bevolkingsgroep heeft namelijk (en dit is wetenschappelijk bewezen) geen gevoel voor humor. Daar hebben zij namelijk geen tijd voor. Er moet gewerkt worden. Er is nog land dat geploegd moet worden, de oogst moet nog binnen, de dijken verzwaard en er moet in mesthopen gewroet worden.

De tandarts kan hier ook niets aan doen. Hij is zo vaak in de monden van boeren aan het wroeten dat, door de loop van de eeuwen heen, de boeren bijna niet meer te verstaan zijn. Iemand uit de grote stad kan een boer bijna niet meer begrijpen. Een proces dat helaas onomkeerbaar lijkt.

Het zal vaak geen pretje zijn voor een tandarts om in zo’n beerput te moeten wroeten. Wat ook weer een raar woord is, want eigenlijk zie je nooit beren in zo’n put. Beren op de weg, die zie je wel vaker. Die zijn dan vermoedelijk uit de put ontsnapt bij een dijkdoorbraak of zo.

In de dierentuin zie je ook vaak beren. Dierentuinen vind je alleen in de stad. Op het platteland noemen ze een dierentuin gewoon een weiland.

En zo kunnen we nog wel een tijdje doorgaan. Woorden schieten tekort. Maar deze blog daarentegen niet.

Als men iets zinnigs wil zeggen over het platteland, dan komt men vaak met clichés op de proppen. Daar kan ik niet de boer mee op, vandaar dat ik hard aan het werk ben gegaan om nu eens het platteland in al zijn subtiele verschijningsvormen gestalte te kunnen geven.

Als je kijkt naar het tegenovergestelde van het platteland, dan kom je uit in de grote stad. Maar klopt dit ook? Als je het woord ‘platteland’ letterlijk leest en daar het tegenovergestelde van neemt dan kom je uit op ‘hoogwater’. En hoogwater heb je niet alleen bij een dijkdoorbraak wanneer feitelijk het platteland helemaal volstroomt, maar hoogwater heb je ook bij kleding. Dus als je broek net iets te kort is, of te hoog opgetrokken. En de kleding die men op het platteland vaak draagt is een overall. Wat raar is, want het woord ‘overall’ doet vermoeden dat je het overal zou zien, maar in de grote stad zie je ze zelden. Bij een dijkdoorbraak wemelt het echter weer wel van de overalls.

Het woord overall komt uit het Engels en betekent dat het over alles heen gedragen kan worden.

De kleur van een overall is zonder uitzondering -als ze nog redelijk nieuw zijn- blauw.

Op het platteland kun je die beroemde blauwe luchten nog zien omdat daar geen gebouwen je zicht blokkeren. Op het platteland hebben ze ook gezondere lucht. Althans, dat zeggen mensen uit de grote stad die een dagje uit zijn. Wij vinden dat die lucht gewoon naar poep ruikt, maar wie zijn wij?

Vroeger had ik een oom die de hele dag alleen maar over mest kon praten. Mest, mest, mest, grote hopen stomende mest. En dat lijkt erg, maar je moest eens weten hoeveel moeite het heeft gekost om hem het woord mest te laten gebruiken.

Een lucht die je zelden ruikt op het platteland is die van gebakken peren. Als je echt met de gebakken peren zit, dan zit je in grote moeilijkheden. Mensen van het platteland zitten nooit in grote moeilijkheden, getuige het feit dat er geen gevangenissen zijn op het platteland. Gevangenissen vind je alleen in grote steden. Daarmee zou je dus kunnen stellen dat er alleen maar criminelen in de grote stad wonen. Maar is dat ook zo? De meest logische verklaring voor het feit dat er geen gevangenissen op het platteland te vinden zijn, ligt in het gegeven dat de gevangenen dan niet gelucht kunnen worden. Ze zouden dan de hele tijd in de mestlucht rondlopen. En dat is ongezond voor ze, vandaar dat gekozen wordt voor de fijnstof die te vinden is in de grote stad. Dat schijnt stukken beter te zijn.

Bovendien zou bij een dijkdoorbraak (die overal kunnen optreden) die gevangenissen meteen volstromen. En we zitten al met een cellentekort! Dus nog een reden om daar niet aan te beginnen. Om al die gevangenissen dan weer leeg te krijgen, gaat behoorlijk veel werk inzitten.

Maar werken kunnen ze wel op het platteland. Ze doen niets anders, het is hun lust en hun leven.

Er worden weinig boeken gelezen op het platteland. Daar is geen tijd voor. Lezen doe je maar in de vakantie. Als er al iets gelezen wordt, dan zijn dat boeken met alleen maar werkwoorden. Want er moet gewerkt worden, dag en nacht.

Het blijft een nobel beroep, dat boer zijn. Een ander beroep dat erg veel met het platteland te maken heeft, is dat van tandarts. Daar gaan boeren vaak lachend naar toe. En dat is op zich bijzonder, want boeren lachen zeer weinig. Deze bevolkingsgroep heeft namelijk (en dit is wetenschappelijk bewezen) geen gevoel voor humor. Daar hebben zij namelijk geen tijd voor. Er moet gewerkt worden. Er is nog land dat geploegd moet worden, de oogst moet nog binnen, de dijken verzwaard en er moet in mesthopen gewroet worden.

De tandarts kan hier ook niets aan doen. Hij is zo vaak in de monden van boeren aan het wroeten dat, door de loop van de eeuwen heen, de boeren bijna niet meer te verstaan zijn. Iemand uit de grote stad kan een boer bijna niet meer begrijpen. Een proces dat helaas onomkeerbaar lijkt.

Het zal vaak geen pretje zijn voor een tandarts om in zo’n beerput te moeten wroeten. Wat ook weer een raar woord is, want eigenlijk zie je nooit beren in zo’n put. Beren op de weg, die zie je wel vaker. Die zijn dan vermoedelijk uit de put ontsnapt bij een dijkdoorbraak of zo.

In de dierentuin zie je ook vaak beren. Dierentuinen vind je alleen in de stad. Op het platteland noemen ze een dierentuin gewoon een weiland.

En zo kunnen we nog wel een tijdje doorgaan. Woorden schieten tekort. Maar deze blog daarentegen niet.